Elektrisch Rijden

Zo verandert elektrisch rijden in 2026 voor jou

· 5 min leestijd

Het is 2026 en elektrisch rijden is allang geen niche meer. Maar dit jaar verandert er weer flink wat — zowel in je portemonnee als in de showroom. Of je nu al elektrisch rijdt of er nog over twijfelt: dit moet je weten.

Nieuwe modellen waar je blij van wordt

Laten we beginnen met het leuke nieuws. Volkswagen brengt eindelijk de ID. Polo naar Nederland. Een compacte elektrische auto van zo'n 4,05 meter lang, met een kofferbak van 440 liter. Dat is best netjes voor een stadsauto. En het mooie? Skoda en CUPRA komen met hun eigen varianten, dus je hebt straks keuze genoeg in dit segment.

Dan is er de Renault Twingo E-TECH Electric, die net geen 20.000 euro kost. Ja, je leest het goed. Een splinternieuwe elektrische auto voor minder dan twintig mille. Dat was een paar jaar geleden nog ondenkbaar. Renault laat hiermee zien dat elektrisch rijden echt voor iedereen bereikbaar wordt.

Het Chinese merk Omoda gooit er ook een interessante in de ring: de Omoda 4. Voor ongeveer 30.000 euro krijg je een auto met zo'n 400 kilometer bereik. Dat is serieuze waarde voor je geld. En voor de liefhebbers van wat meer luxe: Volvo komt met een volledig elektrisch alternatief voor de populaire XC60, en Jaguar maakt zijn comeback — voortaan volledig elektrisch.

Bijtelling en wegenbelasting: wat verandert er?

Oké, nu het iets minder sexy maar minstens zo belangrijke deel: de belastingen. In 2026 geldt er een bijtellingstarief van 18 procent over de eerste 30.000 euro van de catalogusprijs voor elektrische auto's. Dat is vier procentpunt lager dan het standaardtarief van 22 procent. Als je een leaserijder bent, scheelt dat behoorlijk in je maandlasten.

Maar er zit ook een keerzijde aan. De korting op de wegenbelasting is teruggeschroefd naar 30 procent. Dat betekent dat je als EV-eigenaar nu zo'n 70 procent van het normale MRB-tarief betaalt. Nog steeds voordeliger dan een benzineauto, maar het verschil wordt kleiner. De overheid stuurt duidelijk richting een gelijker speelveld.

Minder populair? Niet zo snel

Begin 2026 waren de verkoopcijfers even schrikken. In januari werden er 'maar' 7.165 elektrische auto's geregistreerd, terwijl dat normaal richting de 18.000 per maand gaat. Hybrides stonden met 17.571 stuks bovenaan. Maar voordat je conclusies trekt: januari is altijd een vreemde maand door fiscale verschuivingen. Veel mensen bestellen hun auto eind vorig jaar nog om van de oude regelingen te profiteren.

De werkelijke trend is duidelijk: elektrisch rijden groeit, maar het tempo verandert. We zitten nu in een fase waarin de early adopters al hun auto hebben, en de grote massa kritischer kijkt naar prijs, bereik en laadgemak. Logisch ook.

De derde generatie is er

Wat veel mensen niet weten: we zitten inmiddels in de derde generatie elektrische auto's. Die eerste generatie — denk aan de vroege Nissan Leaf en BMW i3 — had een bereik van 150 kilometer als je geluk had. De tweede generatie bracht ons de Tesla Model 3 en Volkswagen ID.3, met 300 tot 400 kilometer bereik.

De derde generatie gaat nóg een stap verder. Betere batterijen, sneller laden, slimmere software en vooral: lagere prijzen. Die Renault Twingo onder de 20.000 euro is daar het perfecte voorbeeld van. Fabrikanten hebben geleerd van hun fouten en bouwen nu auto's die gewoon goed, betaalbaar en praktisch zijn.

Moet je nu overstappen?

Dat hangt natuurlijk van je situatie af. Rijd je veel zakelijke kilometers? Dan is die 18 procent bijtelling een sterke motivatie. Woon je in een flat zonder eigen laadpaal? Dan is het lastiger, al groeit het publieke laadnetwerk snel.

Wat in ieder geval duidelijk is: de keuze is groter dan ooit. Van de goedkope Twingo tot de luxe Jaguar, van compacte stadsauto tot ruime SUV. En met die nieuwe generatie accu's hoef je je over bereik echt minder zorgen te maken.

Elektrisch rijden in 2026 is niet meer de toekomst — het is het heden. De vraag is niet meer óf je overstapt, maar wanneer.

T
Geschreven door Twan Hermans Auto-expert & Hoofdredacteur

Twan groeide op tussen de auto s in zijn vaders garage in Limburg en kon eerder een bougie verwisselen dan fietsen. Die praktische instelling typeert zijn schrijfstijl: eerlijk, hands-on en zonder onnodige moeilijke woorden. Hij studeerde autotechniek en werkte als monteur en APK-keurmeester voordat het schrijven zijn hoofdberoep werd. Hij kent de ins en outs van auto-onderhoud, de valkuilen bij het kopen van een occasion en de techniek achter moderne rijhulpsystemen. Zijn advies heeft al duizenden lezers geholpen om slimmer met hun auto om te gaan. In zijn vrije tijd restaureert hij klassiekers.